|
|
Maranatha.
|
| Ik wil beginnen met iets kort te vertellen
wat ik enkele weken terug op de radio heb
gehoord. Ik weet niet meer precies in welk
programma het was, maar heel waarschijnlijk
was het op één van die zeldzame momenten
dat ik eens naar een sport programma luisterde. Ik hoorde namelijk dat één van onze vooraanstaande veldrit rijders, Paul Hereygers zou stoppen met koersen. Ik ken nu niet veel van sport maar de Paul die kende ik. Hij was één van wereld beste renners in het veld. Trouwens volgens mijn beperkte mening is dit één van de zwaartste sporten. Het moet hard zijn, op die fiets, af die fiets, door het slijk, op de trappen, door de kou. Nee, ik zie het niet zitten. Deze mensen kennen hard labour, maar worden naar verloning hier toch niet naar erkent en zo komt het dat de gewezen wereldkampioen, die nu begin in de veertig is, opnieuw naar werk moest zoeken. Hij was postbode geworden, maar heeft deze job, na enkele weken reeds bedankt, daar hij dit toch een meer vrouwen- dan een mannenjob vondt. Men zou namelijk veel meer tijd besteden bij het sorteren van de post dan bij het rond dragen. Vrouwen zijn daar nu blijkbaar meer bedreven in. Zo komt het dat hij zijn werk terug opneemt dat hij deed voordat hij die bekende veldrijder werd. Het is iets in de steenbouw. De reporter vraagt hem, hoe hij zich nu voelt. Duidelijk antwoord Paul, dat hij nu tevreden is met zijn werk en dit ook graag doet. Waarop de reporter reageert : “Maar je haatte dit werk toch voordat je ging rijden ?” Paul antwoordt hierop : “Dat is helemaal juist, mijn hart ging helemaal uit naar het koersen. Dat was mijn doel dat wou ik doen en daarom haate ik om dit werk te doen. Het is niet mogelijk om een top renner te zijn en daar buiten nog andere activiteiten doet, je moet die andere activiteiten haten zodat je al je energie kunt stoppen waarin je wil uitblinken. Ik heb nu een collega die graag en goed kan voetballen, maar hij doet ook dit werk graag. Ik kan jullie verzekeren dat hij nooit aan de top zal spelen, zolang hij hier graag werkt en daardoor ook zijn tijd en energie hiermee instopt zal hij nooit de top bereiken in de voetbal wereld.” Dit kort interview sprak mij aan. Als Christen moeten wij een doel voor ogen hebben. Ons wereld record moet zijn, gelijk te zijn als Jezus. Ik denk dat wij daar allemaal wel mee akkoord zullen zijn. Indien wij dit willen dan kunnen wij ook niet anders, dan alles te geven voor dit doel. Het is onmogelijk om zich goed te voelen in de wereld, wanneer wij streven naar het hemelse. Indien er zaken zijn die wij graag doen die niet van de Heer zijn, zal dit een hindernis zijn om ons doel te bereiken. Weten jullie dat het eigenlijk vandaag een meer dan zeer speciale dag is. Vandaag is het de laatste dag van het jaar, van deze eeuw en ook van dit millenium. Wat een eer dat ik heb om op deze dag te mogen spreken. Misschien zullen sommige wel zeggen dat was toch vorig jaar. Dit was dus niet zo, wel natuurlijk is het fantastischer om te zien dat plotseling op de kalender drie nullen verschijnen. Juist door die nullen was er de angst voor de ‘millenium bug’. Je weet wel, het probleem dat alle computers zouden crashen, vliegers zouden neerstorten enz. Ik geloof dat dank zij de goede akties die genoemen zijn op voorhand dat de problemen zeer beperkt zijn gebleven. Hetgeen waar we nu mee gaan geconfronteerd worden is de Euro. Deze aanpassingen zouden nog veel meer geld kosten dan de aanpassingen naar het jaar 2000. Of we de Euro nu willen of niet, we zullen ons toch net als die computers moeten aanpassen en lang zal dit niet meer duren. Al deze dingen lieten mijn gedachten naar het boek openbaring gaan en omdat het de laatste dag is, heb ik als bijbelstuk vandaag ook gekozen voor het laatste hoofdstuk. Als ik aan het boek openbaring denk, dan is het eerste dat door je hoofd gaat dat dit een moeilijk boek is, misschien zelfs een boek waarvoor je een beetje angst heb. Dit boek beschrijft de toekomst in zulke wonderlijke taal dat het dikwijls tot onze verbeelding spreekt. Ook vind ik persoonlijk dat bepaalde onderwerpen die we zelfs tien of twintig jaar terug moeilijk konden invullen, nu te verklaren zijn. Zoals bijvoorbeeld de volgende tekst in 13:16-17 : “En het maakt, dat aan allen, de kleinen en de groten, de rijken en de armen, de vrijen en de slaven, een merkteken gegeven wordt op hun rechterhand of op hun voorhoofd, en dat niemand kan kopen of verkopen, dan wie het merkteken, de naam van het beest, of het getal van zijn naam heeft. Hier is de wijsheid: wie verstand heeft, berekene het getal van het beest, want het is een getal van een mens, en zijn getal is zeshonderd zesenzestig. Onze huidige technologieën maken het perfect mogelijk om zelfs zeer eenvoudig hetgeen wat in deze tekst staat te verwezelijken. Ik denk bijvoorbeeld aan, dat het nu verplicht is om bij bepaalde honden een chip in te planten, omdat men deze zou herkennen, of ik weet niet dat het reeds in België gebeurd maar ik dacht wel in Nederland waar kinderen ook een chip krijgen om het spijbelen tegen te gaan. Via deze chip namelijk kan men dan weten waar ze zijn, op school of ergens anders. Maar kijk bijvoorbeeld wat UPS doet. UPS is een transport firma over de wereld. In een verpakking steken zij een kleine sensor, nog geen halve centimeter in het vierkant en via dit instrumentje is het mogelijk precies te zien over de wereld waar het pakje zich precies bevindt, men weet in welk magazijn, huis, of in welke vrachtwagen in welke straat het is. Trouwens dit GPS systeem kan men ook al kopen om in de auto te plaatsen zodat ge uw weg kunt zoeken. Je begrijpt het, het is vandaag helemaal geen kunst meer om ons een merkteken te geven waardoor wij kunnen kopen of verkopen. De moeilijke passages worden ingevuld. We moeten gewoon meer de moed hebben om over dit boek te spreken. Dit boek spreekt immers ook over onze toekomst. Dit hoeft ons zeker geen angst in te boezemen. Waar ik graag had bij stilgestaan deze morgen is het vers 11. “En hij zeide tot mij: Verzegel de woorden van de profetie van dit boek niet; want de tijd is nabij.Wie onrecht doet, hij doe nog meer onrecht; wie vuil is, hij worde nog vuiler; wie rechtvaardig is, hij bewijze nog meer rechtvaardigheid; en wie heilig is, hij worde nog meer geheiligd”. Niet dat ik de bedoeling heb om een jaaroverzicht te geven, het is dikwijls dat jaaroverzichten steeds negatief zijn, maar wanneer we toch even een kleine terugblik doen in dit jaar 2000, we hoeven echt niet ver in het jaar te gaan, het is nog steeds zeer actueel en we de toestand bijvoorbeeld bekijken in Israël. Ik heb zeker niet de wijsheid in pacht om jullie hier een deskundige uitleg te geven. Maar het raakt mij omdat het het volk van God raakt. Het volk van God heeft niet geluisterd naar Gods bevel toen zij Kanaän innamen. Zij moesten alle Filistijnen doden en zij hebben dit niet gedaan met als gevolgd dat zij nu nog steeds gekonfronteerd worden met dit volk. De Palestijnen van vandaag waren de Filistijnen van vroeger. Wanneer ik deze actualiteit volg maakt deze mij steeds bewust van de tekst die in Markus 13 :28 staat : «Leert dan van de vijgeboom deze les: Wanneer zijn hout reeds week wordt en de bladeren doet uitspruiten, weet gij daaraan, dat de zomer nabij is». Het is maar één voorbeeld, maar God verwacht van ons dat wij attent zijn en steeds klaar zijn om Hem te ontvangen. In vers 10 zegt Hij : “de tijd is nabij”. Natuurlijk kan je zeggen, ja maar dit is reeds zoveel jaren geleden geschreven en nu is de tijd nog steeds nabij. Dat is natuurlijk juist, maar laat ons in eerste plaats er bewust van zijn dat God’s tijd niet gelijk is aan de onze. Maar wat vooral belangrijk is in deze tekst is dat wij steeds klaar zijn. Ik zou het willen vergelijken met een vrouw die in verwachting is. Misschien wel twee maanden op voorhand is haar valiesje gepakt klaar om te vertrekken. Op dat moment weet zij ook niet ofdat dit voor 1 dag zal zijn of 2 maanden. Maar zij staat klaar, indien haar lichaam tekenen geeft dat het kindje gaat komen is zij er klaar voor en men zou kunnen zeggen geen paniek wij zijn er op voorbereid. God werkt niet met maanden, maar met jaren, honderde jaren, wij gaan nu zelfs het tweeduizendste jaar in. Maar God verwacht wel van ons dat ons valiesje klaar staat, dat we bereid zijn om Hem te ontvangen, elke dag opnieuw. Trouwens Marcus spreekt in 13 : 8 ook over weeen. “Want volk zal opstaan tegen volk en koninkrijk tegen koninkrijk. Er zullen nu hier, dan daar, aardbevingen zijn en er zullen hongersnoden wezen. Dat is het begin der weeen”. Is ook deze tekst niet actueel? Waarom is dit nu zo belangrijk, kan ik nu echt niet mijn gewoon Christelijk leventje leiden en we zien wel. Wanneer je in Jezus Christus gelooft, dan geloof je dat Hij voor jou gekomen is hier op aard. We hebben net zijn geboorte gevierd. Dan geloof je dat Hij voor jouw zonden gestorven is aan het kruis van Golgotha. En als je deze God bemindt voor wat Hij voor jou gedaan heeft, dan ben je verlangende dat Hij terug komt om Hem te ontmoeten en Hem de dank te brengen die Hem toekomt en ook dat deze duistere wereld zal overwonnen worden en Jezus zal regeren. Zijn wij klaar, staat ons valiesje klaar, zijn wij bereidt om Hem te ontvangen. Indien wij hier nee moeten op antwoorden doordat wij het misschien zo druk hebben in ons leven, weet dan wel dat hier staat dat de tijd nabij is. Bij de volgende versen ben ik echt verschoten wat zij te betekenen hebben. Wanneer ik de tekst doorlas, waren deze versen gewoon een benadrukking dat we onze zondige leven moeten afleggen. Maar dit wil dit helemaal niet zeggen. Hier lezen we heel duidelijk dat hij die onrecht doet nog meer onrecht zal doen. We lezen hier niet van vergeving of van verandering, maar eerder een volharding in de boze en in het goede want er staat evengoed wie heilig is worde nog meer geheiligd. Wandelen wij op de goede of op de slechte weg? Als ik deze teksen lees, lees ik niet dat er nog een mogelijkheid zal zijn om een andere weg te kiezen. Wij moeten op tijd ‘nee’ kunnen zeggen tegen zaken die ons leven verwoesten en er de oorzaak van zijn dat wij vuil zijn en/of in onrecht leven. Zonde komt niet toevallig er gaat altijd iets aan vooraf. Soms is dit een heel lang proces en sluipt het ons leven binnen. Wij kunnen dit voorkomen door op tijd ‘nee’ te zeggen. Mag ik enkele actuele voorbeelden noemen. Je kunt beter clean blijven, door tegen je eerste XTC pilletje dat je aangeboden krijgt ‘nee’ te zeggen. Je kunt zuiver blijven, door op tijd te stoppen als we zitten te zappen of te surfen. Dit zijn maar enkele misschien ‘stomme’ voorbeelden maar men kan nog rustig zo een tijdje doorgaan. Al deze ‘kleine’ op dat moment zelfs misschien onbewuste zonden kunnen in een sneeuwbal effect komen. Het is als met een sneeuwbal die van een berghelling rolt. Als die niet op tijd wordt gestopt, zal hij groter en groter worden en meer en meer grotere kracht ontwikkelen. Zo is het ook met de zonde. Als die niet op tijd wordt gestopt, zal die steeds grotere gevolgen hebben. De zonde komt voort uit onze eigen begeertes, diep van binnen komen er soms gedachten en verlangens die niet uit Jezus komen. Dat er zulke gedachte naar boven komen, daar kunnen we nog niet zoveel aan doen. Wat belangrijk is, hoe gaan we daarmee om. Ik moet nu aan de woorden van Henk Monsuur denken. Ik denk dat ik een jaar of zestien moet geweest zijn toen ik ook met hem hierover een gesprek had. Hij antwoorde mij het volgde, ik denk dat het een citaat van Luther is. Je kan er niet aan doen wanneer er een vogel op je hoofd komt zitten, maar je kunt wel voorkomen dat die vogel een nest gaat bouwen. Eva in het paradijs kon er niet zoveel aan doen dat de duivel haar via de slang probeerde te verleiden. Wat ze wel had moeten doen, was zich om draaien en naar Adam toe stappen. David kon er niet zoveel aan doen dat zijn oog viel op Bathseba die juist een bad nam. Maar hij had ook zich moeten omdraaien en iets anders gaan doen. Dit is wat we kunnen lezen in Jacobus 1: 12-15 ; “Zalig is de man, die in verzoeking volhardt, want, wanneer hij de proef heeft doorstaan, zal hij de kroon des levens ontvangen, die Hij beloofd heeft aan wie Hem liefhebben. Laat niemand, als hij verzocht wordt, zeggen: Ik word van Godswege verzocht. Want God kan door het kwade niet verzocht worden en Hijzelf brengt ook niemand in verzoeking. Maar zo vaak iemand verzocht wordt, komt dit voort uit de zuiging en verlokking zijner eigen begeerte. Daarna, als die begeerte bevrucht is, baart zij zonde; en als de zonde volgroeid is, brengt zij de dood voort.” Indien wij willen dat het tweede gedeelde van vers 11 in openbaring 22 voor ons van toepassing is, moeten wij de zonde wegdoen uit ons leven. De woorden die wij hier kunnen lezen zijn geen ijdele woorden, woorden die wij niet kunnen bereiken. Inderdaad als mens is het ook niet mogelijk, maar de liefde van onze God was zo groot, dat Hij daarvoor zijn Zoon gegeven heeft opdat wij mogen uitkijken als heiligen totdat Hij komt. Het is vandaag oudejaars avond, misschien zullen er weer pakjes zijn, toch altijd prettig om naar uit te kijken. Jezus zegt in vers 12 :”Zie ik kom spoedig en mijn loon is bij Mij om een ieder te vergelden, naardat zijn werk is.” Wanneer we deze tekst gelezen hebben, verlangen we dan nog om het loon/ pakje of willen we ons pakje niet meer hebben? Eigenlijk krijgen we al een tipje van de sluier van wat er in ons pakje zal zijn. De eerste vijf versen van hoofdstuk 22 vertellen ons van een tweede paradijs. Een schilderachtige plaats die volmaakt is, zo volmaakt dat wij als mensen vooral in deze tijd, het ons niet kunnen voorstellen. Het is zoals Johanes (10:10) het ons schrijft “leven en overvloed”. De rivier en de bomen des levens laten ons denken aan het eerste paradijs. Zelf gaan mijn gedachten dan naar enkele jaren geleden, toen ik in Zwitserland op verlof was. Samen hebben we toen een uitstap gedaan naar een plaats die enkel te beschrijven is in een sprookje. Prachtige bergen, het alpen groen, een riviertje er tussen en dan die rust. Het was misschien enkel mijn menselijke zwakheid, mijn konditie die te wensen overliet. Maar in dit gedeelte wordt er nadruk gelegd, dat er zelfs geen ziekte meer zal zijn, niets vervloekt. Wat zou dit een verademing zijn voor verschillende van ons. Wij zijn maar een klein gemeenteke, maar toch zijn er in onze gemeente verschillende zwak en zelfs ernstig ziek. Om duidelijker te maken wat hier in dit gedeelte beschreven staat proberen wij het ons menselijk voor te stellen. Maar begrijp me niet verkeerd, ik geloof niet zoals bepaalde sekten dit komen vertellen met foldertjes, allemaal stralende gezichten, donker, lichter en nog lichter. De leeuw en de wolf tussen de schapen. Je kent die boekjes wel. Het kan misschien wel een visualisering zijn, een verduidelijking zodat wij mensen het een beetje zouden begrijpen. Maar dit blijft allemaal zo menselijk. Paulus schrijft ons in 1 Cor. 2:9 : “Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en wat in geen mensenhart is opgekomen, al wat God heeft bereid voor degenen, die Hem liefhebben”. Elke veronderstelling zal in het niet vallen, ons verstand is te beperkt om dit te verstaan. Jezus zegt in Johannes (4:14) “maar wie gedronken heeft van het water, dat Ik hem zal geven, zal geen dorst krijgen in eeuwigheid, maar het water, dat Ik hem zal geven, zal in hem worden tot een fontein van water, dat springt ten eeuwigen leven”. Of Johannes 7:38 : “Wie in Mij gelooft, gelijk de schrift zegt, stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien”. De rivier waarvan we lezen in vers 1 ontspringt uit de troon van God en van het Lam. Het beeld voor de Heilige Geest voortvloeiend uit de Vader en de Zoon. Hij is het water des levens, helder als kristal. Zusters, broeders zijn wij verlangende naar deze rivier? Jezus roept ons om dit water tot ons te nemen. In vers 17 staat er : “En de Geest en de bruid zeggen: Kom! En wie het hoort, zegge: Kom! En wie dorst heeft, kome, en wie wil, neme het water des levens om niet ». Het jaar 2000 zal getekend kunnen worden in de geschiedenis als een zeer bewogen jaar. Ook in onze gemeente heeft dit jaar, geen éénvoudig jaar geweest. Ik moet jullie eerlijk zeggen dat ik verheugd was toen met kerstmis er een grote opkomst was, we waren ongeveer met zestig mensen. Maar het deed mij pijn toen ik dacht aan de afwezigen die vroeger ook getrouw waren in deze aktiviteiten. De vraag die ik me stelde was, hoe hebben zij kerstfeest gevierd? Het gaat nu opnieuw een beetje beter in de gemeente, maar laat ons a.u.b. diegene niet vergeten die weggegaan zijn. Misschien zou het wel goed zijn om hen een kaartje te sturen, zodat zij zien dat wij nog steeds aan hen denken. Aan het begin van een nieuw jaar worden er veel voornemens gemaakt, je kan dan wel zeggen dat voornemens daar zijn om niet uitgevoerd te worden, maar op zijn minst zijn het initiatieven. Om af te sluiten zou ik toch willen vragen om als gemeente een voornemen te maken voor het komende jaar. Dat wij als gemeente eraan mogen werken om één te zijn in Christus Jezus, dat wij samen het levende water mogen drinken helder als kristal. Samen, misschien moeten we hiervoor enkele van ons eigen gedachten opzij zetten opdat wij als één lichaam, Hem kunnen dienen die het hoofd is van onze gemeente. De genade van de Here Jezus zij met allen. Amen. |
|
12/2000 |