Preken uit Mattheüs

Geen tijd om te feesten
(copy van Henk Binnendijk, gepersonaliseerd)

(Mattheüs 22: 1-24)

Wat een week, gewoon geen tijd om mezelf te zijn om aan mezelf te denken. Werken, dat was de boodschap. Ik had nog wel mijn planning zo mooi voorbereid.

De verlof periode zou een rustige tijd worden. Ik zou dan in de voormiddag mijn werk doen en in de namiddag studeren voor het examen dat ik in het najaar moet doen. Dat was mijn planning maar de realiteit was helemaal iets anders, van ‘smorgens heel vroeg tot ’s avonds heel laat werken, proberen om het werk erbij te doen van je collega’s die op verlof zijn.
Vrijdag ben ik redelijk op tijd thuis gekomen wetende dat er nog een weekend voor de deur staat om nog wat bij in telopen, dus ik zette mij rond acht uur in de zetel, even rust. Gevolg is dat een half uur later ik naar het dromenland vertrokken was.

De titel van deze overdenking is geen tijd om te feesten.

>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>

Een paar jaar terug is onze prins Philip getrouwd met zijn madame Mathilde. Eigenlijk was het een beetje een speciale trouw gelegenheid want ook den gewone burger werd hier mee uitgenodigd. De man van de straat. Zelfs jij of ik hadden een uitnodiging kunnen ontvangen.
Stel voor dat je op een dag een brief in de bus vindt en je ziet dat het een koninklijke uitnodiging is voor de bruiloft van onze kroonprins. Ook al zijn wij dan niet zo koninklijk gezind als onze noorderburen, je zou het toch een eer vinden om er bij te mogen zijn. Je zou proberen om een verlofdag te krijgen en om een proper kostuum of kleedje te vinden.

Een paar dagen na de trouw kom ik je tegen en vraag: ‘En, vertel eens, hoe was de trouw?’ En jij zegt: ‘trouw? O, daar ben ik helemaal niet naar toe geweest. Nee, ik had het te druk, ik had andere dingen aan mijn hoofd.’

de bruiloft van Jezus

Dat zou toch moeilijk te geloven zijn, of niet? Zo’n uitnodiging krijg je misschien maar één keer in je leven, en dan laat je niet je werk of wat dan ook voorgaan.

Het wordt nog ongeloofwaardiger als je je realiseert dat er in de Bijbel sprake is van de Koning der koningen, van God zelf die zo’n bruiloft organiseert en daarvoor mensen uitnodigt. In Matteüs 22 vertelt de Here Jezus: ‘Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een koning, die voor zijn zoon een bruiloft aanrichtte.’ (#Mt 22:1-14)
Dus een koning, God zelf, organiseert voor zijn Zoon, Jezus Christus een bruiloft. En dan staat er dit: ‘En hij zond zijn slaven uit, om de ter bruiloft genodigden te roepen, doch ze wilden niet komen.’ En dan stuurt hij nog een keer slaven eropuit met de boodschap: ‘Denk erom, alles is gereed, kom tot de bruiloft’, maar ‘ze sloegen er geen acht op, en gingen heen, de een naar zijn akker, en de ander naar zijn zaken.’

God erkennen heeft consequenties

Eigenlijk kan je je zoiets niet voorstellen, maar toch is het de realiteit dat de wereld vol van deze mensen is die de uitnodiging best kennen maar allerlei andere dingen laten voorgaan.

De genodigden mishandelen zelfs de boodschappers van de koning en ze doden hen. Hoe is het mogelijk dat mensen boos worden als je ze het Evangelie vertelt.

Ik denk dat de mensen zich onbewust toch realiseren dat het waar is, dat er straks een bruiloft zal zijn. Mensen zeggen zo gemakkelijk: ‘Er is geen God.’ Maar ik denk dat er geen mens rondloopt die daarvan overtuigd is. Ieder mens weet diep in zijn hart, dat er wel een God is.

Maar erkennen dat er een God is, heeft consequenties. Dan moet je Hem ook als God aanvaarden. Daarom is het veel gemakkelijker om het bestaan van God te ontkennen en andere dingen voor te laten gaan. In Lucas’ versie van dit verhaal staat: de een had een akker gekocht en de ander vijf span ossen, die hij moest gaan bekijken en een derde was pas getrouwd. (#Lu 14:18,19) Kortom, allemaal dingen die ze belangrijker vinden dan de uitnodiging van het Koninkrijk Gods.

alles is belangrijker dan God

Nu is het natuurlijk gemakkelijk, denk ik, om als gelovige je goed te voelen met het feit dat jij wel op die uitnodiging ingegaan bent.

En toch: is jouw leven nou echt zo op God gericht, dat Gods bruiloft, het feest dat God voor zijn Zoon aanricht, gaat boven zaken, akkers, vrouw, of kinderen?

Heeft in jouw leven God de eerste plek?
Of moeten wij, als we eerlijk zijn, ook vaak bekennen: ‘Het was weer niks vandaag. Alles ging voor. Alles was belangrijker dan God. Ik had het me wel voorgenomen, maar er kwam weer niets van terecht. Ik had het zo druk met...’

We hebben het allemaal druk. En eigenlijk beschouwen we God als een soort sluitpost.
Weet je wat dat is een sluitpost. Zoals we wel weten in de boekhouding spreken we van een balans, uw uitgaven moet gelijk zijn aan uw inkosten. Natuurlijk klopt dit niet altijd en daarom hebben we een sluitpost, het rekeningetje dat op het laatste ogenblik onze balans schoon in evenwicht moet brengen.

Wij laten met ons leven zien dat we nog maar erg weinig begrepen hebben van die wonderlijke uitnodiging. Dat God, de Schepper van hemel en aarde, u uitnodigt op de bruiloft van zijn Zoon.
Bewijzen we niet met ons leven, wanneer we allerlei andere dingen voor laten gaan, dat het ons nog maar amper te pakken heeft?

Als we gaan zien, om welke grote dingen het gaat, is het niet alleen een kwestie van één keer binnengaan in die bruiloftszaal, één keer je leven aan de Here Jezus geven.
Maar als het ook je hele verdere leven beinvloed, wordt elke dag een dag, waarin je ernaar streeft om God de eerste plek te geven in je leven.

zo van de straat

Uiteindelijk komt er dus niemand.
En dan zendt de heer zijn knechten opnieuw uit. Hij zegt: ‘Ga maar naar de pleinen en naar de hoeken van de straten, overal waar je mensen vindt. En nodig iedereen die je daar tegenkomt uit voor de bruiloft.’
En dan staat er: ‘En zij verzamelden allen die zij daar aantroffen, zowel slechten als goeden.’
Dat is toch ongeloofelijk: zowel slechten als goeden. Mensen denken vaak dat je eerst goed moet worden om binnen te mogen komen. Maar dat is niet zo. Het maakt voor God geen enkel verschil hoe je binnenkomt.
Dus als u zich goed voelt: hartelijk welkom in de bruiloftszaal. En als u zich slecht voelt: hartelijk welkom in de bruiloftszaal.
Is dat niet fantastisch? Is dat geen prachtig evangelie? Er wordt niks gevraagd.

Die mensen worden zo van de straat opgepakt, goede en slechte. ‘De koning nodigt je uit om op de bruiloft van zijn zoon te komen!’
Kun je je voorstellen hoe verbaasd ze waren, toen ze daar binnen kwamen? Vooral de slechten natuurlijk. De goeden hadden misschien nog een beetje het gevoel dat ze er wel pasten, maar de slechten zijn Gods bruiloftszaal binnengekomen terwijl ze wisten wie ze waren. Ze zullen meer dan blij geweest zijn, voor hen moet het een ongelooflijk feest zijn.

ik kan wel in m’n eigen kleren

Toen kwam de koning binnen. Hij keek de zaal rond en zag daar iemand die geen bruiloftskleed aan had. En de koning zei tegen die man: ‘Vriend, hoe ben je hier gekomen zonder bruiloftskleed?’
In die tijd was het waarschijnlijk zo dat ze een kleed kregen als ze de zaal binnenkwamen, die mensen kwamen immers zo van de straat.

Ook denk ik dat dat bruiloftskleed iets te maken heeft met wat de Bijbel noemt: ‘met Jezus Christus bekleed worden.’ (#Ga 3:27) Er staat letterlijk in de Bijbel: ‘doe de Here Jezus Christus aan.’ (#Ro 13:14) Je komt binnen door de Here Jezus, alleen door Hem. En je mag je dan ook bekleden met de Here Jezus. (denkt aan die slechte)

Die ene man had voor zijn gevoel dat kleed niet zo nodig. Zijn eigen kleren waren goed genoeg voor hem. En veel mensen denken er zo over.
Er wordt tegenwoordig dikwijls gezegd dat er vele wegen zijn die naar God leiden. Maar Jezus zegt: ‘Niemand komt tot de Vader dan door Mij.’ (#Joh 14:6)
Die man dacht misschien: ‘Dat die slechten van de straat zo’n kleed nodig hebben, dat kan ik me voorstellen, maar ik zie er toch prima uit? Ik ben goed genoeg’.
Maar de koning ziet hem en stuurt hem de zaal uit. Want in de bruiloftszaal, in het Koninkrijk Gods, gaat het alleen om Jezus. Hij is de hoofdfiguur.

Daarom is ons leven bedoeld om Hem in te drinken, tot ons te nemen. Om iedere dag meer veranderd te worden naar het beeld van de Here Jezus. Als je Hem als eerste gaat zoeken, kan Hij pas een grote plek in je leven krijgen.
Dan mag je je verblijden over het feit dat je als een slechte binnenkwam. En van tijd tot tijd word je daaraan herinnerd, vanwege je soms slechte manier van leven.

Maar verblijd je erover, dat God dan toch zegt: ‘Hartelijk welkom, ook de slechten.’ God gaat je in die feestzaal bekleden met het kleed van de Here Jezus, zodat je leven in de loop van de jaren verandert en die feestzaal eigenlijk steeds feestelijker wordt. Dan besef je steeds meer welk een genade God aan je leven bewezen heeft.

de bruid van Jezus

Ik ben vaak heel erg druk bezig, met van alles, ook in de gemeente en kan mezelf erop betrappen dat ik die uitnodiging wel hoor, maar dat ik zo druk ben, dat ik eraan voorbijga.
En als ik tijd over heb, probeer ik die te besteden aan wat ontspanning. Een echte hobby heb ik eigenlijk niet echt. De laatste jaren probeer ik me zowat meer in het cultuur wereldje te bewegen, hier en daar een evenementje mee pikken, een teatertje, een concertje en zo verder. Ik kan daar van genieten.

Maar je hebt mensen die bijvoorbeeld een of ander muziek instrument kunnen spelen en daar echt hun hobby van maken. Om eerlijk te zijn ben ik daar wel een beetje jaloers op.
Maar ik ben er zeker van dat zij de eerste maanden toen zij nog moesten leren dat het niet zo prettig was. Ik heb dat nog gehoord van vrienden. Altijd maar dat zelfde stukje spelen tot het er vlot uitkwam. Altijd maar opnieuw, over en over again. Maar eens dat zij er mee weg waren, dat het in de vingers zit, kunnen zij uren en uren door gaan en plezier beleven aan het bespelen van hun instrument.

Dat kan je sterk vergelijken met de omgang met God. Als iemand tot geloof komt, weet je dat bijbellezen erbij hoort. Dat moet, hebben ze je verteld, anders gaat het niet goed met je.
Dus in die sfeer lees je je Bijbel. En je neemt je van alles en nog wat voor. Je wilt het ‘s morgens doen, maar dan verslaap je je en ‘s avonds ben je te moe. Dat is ongeveer de sfeer.
Totdat, zoals met dat muziek instrument spelen, je de smaak te pakken krijgt. Totdat je het verlangen gaat proeven om met Hem om te gaan.

De grote mannen en vrouwen die in de Bijbel genoemd worden, hebben dat ook ontdekt. Mozes verblijft zomaar eventjes zes weken lang op een berg, alleen maar om bij God te zijn. En eigenlijk had hij het heel druk, hij had de leiding over een groot volk. Toen hij weer beneden kwam zag hij dat het volk er een mesthoop van gemaakt had. Toch ging hij opnieuw de volgende dag weer veertig dagen naar God toe.
Mozes, en anderen in de Bijbel, hadden iets geproefd van de verleiding om om te gaan met God. Waardoor ze er de eerste plek aan gingen geven.

Dat duurde lang, dat was een gevecht. Dat kennen we allemaal, maar als iemand een hobby heeft, waar hij graag mee bezig is, vindt hij er toch ook altijd tijd voor?

Je zou je dan af kunnen vragen is niet in zekere mate een vorm van discipline? Jawel, zeker in het begin, maar ik wil het uit de wetmatige sfeer halen. In een goed huwelijk is het ook niet zo dat je jezelf dwingt om met je man of vrouw om te gaan. En God wil dat verlangen in ons hart leggen, zodat het toch op den duur een bijna vanzelfsprekende grote plek krijgt in ons leven.

Het is dus Gods bedoeling dat wij, door tijd te nemen met Hem, steeds dichter bij Hem komen en gevormd worden, zodat we steeds meer op de Here Jezus gaan lijken.

>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>>

Is het mogelijk dat God wel eens periodes van lijden in ons leven toelaat, waarin het lijkt alsof we niets van God horen? Ik zal het iets anders vragen, wie heeft niet eens zo’n periode gehad waarin het leek dat God niets van zich liet horen en lijden toe liet?

Ik heb wel eens eens zo’n moeilijke tijd gekend al durf ik dat dan niet vergelijken met wat soms andere doorgemaakt hebben. Ik dacht toen dat God niets van zich liet horen.
Achteraf zag ik dat Hij er wel was.
Moet ik zelfs zeggen dat het mij ook een stuk gevormd heeft.
Ik heb ook meer begrip gekregen voor anderen die lijden.

We hebben allemaal van die periodes net zoals mensen in de Bijbel die hadden. Je hoort ook zo dikwijls de klacht dat God dan wel erg stil is. Tegelijkertijd is het ook zijn kracht, dat Hij het aandurft om naar ons toe zo stil te zijn.

Maar kunnen we dat dan wel aan... Ja, Hij zal niet verder gaan dan wat een mens aankan.
Er zijn periodes waarin mensen denken: ‘O God, U geeft me meer te dragen dan ik aankan.’ Dat is juist. Maar toch is het ook weer zo, dat zoveel mensen achteraf kunnen zeggen: ‘En toch is dat een tijd geweest, waarin God dingen in mijn leven gedaan heeft die Hij waarschijnlijk niet had kunnen doen als ik het niet zo moeilijk had.’

God kan inderdaad zulke periodes toelaten. Veel mannen en vrouwen in de Bijbel moesten door die moeizame periode heen. Mozes moest veertig jaar in de woestijn zijn voordat God hem ging roepen.
Je zou bijna zeggen dat lijden een voorrecht is...

Het is gevaarlijk om zoiets te zeggen, ik denk ook dat dit niet helemaal correct is.

Maar er zit wel een kern van waarheid in: God laat degenen van wie Hij veel houdt, vaak een moeilijke weg gaan. God zegt bijvoorbeeld over een man als Job schitterende dingen. Hij zegt: ‘Niemand op aarde is als hij, zo vroom en oprecht, godvrezend en wijkende van het kwaad’ (#Job 1:8). En juist met die man gaat God die moeizame weg.

Er zijn genoeg mensen die zeggen: ‘Zo’n God hoef ik niet’, maar wie God een beetje kent zegt: ‘Dit is de kracht van God waarin Hij doet alsof Hij er niet is.’ En waarin Hij toch onzichtbaar iets uitwerkt, waar we Hem straks voor zullen danken. Maar wij kunnen dikwijls niet begrijpen waarom God dingen toelaat.

Dat is een kwestie van vertrouwen. Vertrouwen dat Hij een goede God is en een krachtige God die veel met ons aandurft.

Hij durfde met ons veel aan toen hij in Schelle een evangelische gemeente begong. Nu hebben wij misschien de indruk dat Hij stil is. Maar we mogen weten dat Hij iets onzichtbaar uitwerkt waar we Hem straks voor mogen danken.

De vraag die ik mij stel is;
Neem ik, of nemen wij de tijd om gehoor te geven aan zijn uitnodiging.
Ben ik of zijn wij bereid om naar de bruiloft te gaan en zijn kleed te dragen?
Of, hebben wij het te druk?



Amen.

 Terug naar ONTMOETING inhoud

3/2005