Jezus Christus, geboren voor genade
(Jesaja 52:13, 53:12, Joh 1:1-18)
Vandaag is het de tweede advent Zondag
en
ik heb geprobeerd de preek van vandaag
daaraan
aan te passen. Maar ik moet zeggen,
‘k vond
het niet gemakkelijk.
Maar vandaag wil ik dan toch graag
blijven
stilstaan waarom Jezus naar deze wereld
moest
komen. Dat de Here Jezus niet zomaar
iemand
is, maar uit de Hemel tot ons is gekomen.
Dat Hij een menselijk lichaam heeft
aangenomen
in al zijn aspekten. Dat Hij geboren
is uit
een maagd en dat God zijn Vader is.
Maar
je zal merken in deze overdenking,
dat Genade
steeds opnieuw de rode draad vormt.
Door aan deze overdenking te werken,
heb
ik meer de zin gaan verstaan van advents-zondagen.
Ik heb er vroeger eigenlijk nooit bij
stil
gestaan en voor mij waren het zondagen
zoals
andere. Enkel dan, dat wij de laatste
jaren
hier nu verwent worden met enkele gedichten.
Nu zie ik deze zondagen als voorbereiding
naar de herinnering van jezus geboorte.
Net
zoals je je voorbereid naar het avondmaal
toe. Zo ook kunnen wij ons voorbereiden
naar
het kerstfeest. Opdat dit feest nog
dieper
in ons kan doorwerken. Het is onze
bron van
levend water.
Ongeveer 6000 jaren geleden of langer
moeten
er zich ongeloofelijke taferelen hebben
afgespeeld
op deze aardbol. De aarde werd geschapen
zoals onze God het in gedachte had.
Land,
water en lucht, eigenschappen omdat
er leven
zou kunnen zijn. En God schiep ook
dit leven.
Het is een God, die wij ons niet kunnen
voorstellen,
kan je Hem zien, kan je Hem voelen.
Ik weet
het niet, ik durf eigenlijk geen veronderstelling
doen, men weet het toch niet en elke
veronderstelling
is zo menselijk.
Maar het is deze God die op een bepaald
moment
in de tijd, en het heeft toch geen
belang
wanneer dat nu precies was, de aarde
geschapen
heeft en alles wat daarop is, ook de
mens
! Eerst de man en daarna de ‘man-in’.
Eigenlijk een raar verhaal op zich
al. Ik
begrijp uit het scheppingsverhaal dat
bij
de dieren mannentjes en vrouwtjes geschapen
werden. Doch bij de mens was het anders.
Was dit omdat de mens naar Gods gelijkenis
geschapen was?
Uit deze mens wordt dan tenslotte toch
zijn
wederhelft geschapen, de vrouw. Samen
zijn
zij gelukkig en mogen leven in de laat
het
ons zo noemen, de tuin van God.
Ik ga het verhaal hier niet verder
vertellen,
ik denk dat wij het allemaal wel kennen.
We weten dan ook dat op een bepaald
moment
de mens niet gehoorzaamde aan God waardoor
de zonde in de wereld kwam. Men zou
kunnen
zeggen “de zonde was geboren”.
Vanaf dat moment was er een ‘hindernis’
tussen
God en de mens. De mens zelf had gekozen
tussen goed en kwaad. Gods creatie
was naar
zijn beeld en gelijkenis geschapen
waardoor
zij ook de vrije keuze hadden om tegen
God
in te kiezen.
Heb je daar al eens over nagedacht.
Indien
je zelf iets gemaakt zou hebben, waar
je
trots op bent, dat je koestert en alles
geeft.
Waar je van verwacht dat het dankbaar
zou
zijn en liefde zou terug geven. En
deze jouw
schepping, luistert niet naar u, is
je ongehoorzaam.
Ik zou bij mijzelf denken, mislukt
en misschien
zou ik het opnieuw proberen. Misschien
klinkt
het hard en ruw, maar eigenlijk zie
ik dan
voor mij dat ik die wezentjes die ik
gemaakt
heb, zou vernietigen om er goede van
te maken.
Dit is menselijk denken en vooral genadeloos.
Maar Gods liefde is zo groot dat Hij
zijn
schepping, ons als mensen, wil redden
op
een heel andere manier. Hij had net
als met
plasticine zijn schepping in zijn handen
kunnen nemen en samendrukken. Maar
Hij heeft
dit niet gedaan ! God wil geen robots,
maar
wil mensen die zelf kiezen om Hem te
volgen.
Maar het blijkt dat dit niet zo simpel
was,
reeds van bij het begin gaat het mis
en zo
gaat het nog steeds mis. God wist toen
reeds
dat Hij zijn Zoon naar deze aarde zou
moeten
sturen, omdat zijn schepping kontakt
zou
kunnen hebben met Hem.
Was dit misschien zo voorzien omdat
wij als
mensen de vrije keuze kunnen hebben,
om te
kiezen voor God of tegen God. Jezus
Christus
de Zoon van God, zittende aan de rechterhand
van God heeft zijn plaats verlaten
om ons
als mensen tot God te brengen.
Jezus komt uit de Hemel
Jezus zelf zegt in Johannes 6:38 ;
“Want
Ik ben van de hemel nedergedaald, niet
om
mijn wil te doen, maar de wil van Hem,
die
Mij gezonden heeft”. Hij is uit de
Hemel
nedergedaald om de wil van God te doen.
Paulus
schrijft het ons ook zo duidelijk in
1 Corinthiers
15:47 ; “De eerste mens is uit de aarde,
stoffelijk, de tweede mens is uit de
hemel”.
De Here Jezus wiens geboorte wij in
enkele
weken gaan vieren was er reeds voordat
Hij
hier op aarde geboren werd. Hij is
als een
God uit de Hemel hier op aarde gekomen.
Vleeswording.
“In den beginne was het Woord en het
Woord
was bij God en het Woord was God” (Joh.1:1)
“Het Woord is vlees geworden en het
heeft
onder ons gewoond en wij hebben zijn
heerlijkheid
aanschouwd, een heerlijkheid als van
de eniggeborene
des Vaders, vol van genade en waarheid”.
(Joh. 1:14) Dit zijn de woorden van
Johannes
die het voorrecht heeft gehad om Jezus
heerlijkheid
te aanschouwen. Om letterlijk te ervaren,
een leven met Jezus aan je zijde.
4000 jaar nadat God de mens geschapen
had,
komt Hij neder vanuit de Hemel om mens
te
worden van vlees en bloed. God stelde
zich
gelijk aan de mens en misschien hebben
we
dan de neiging om een knap figuur voor
onze
ogen te halen. Een man die model zou
kunnen
staan voor alle mannen. Neen, God wou
geen
superman zijn hier op aarde. We lezen
in
Jesaja 53 (2-3) ; “Hij had geen lichaam
dat
wij zouden begeren, Hij was ziekelijk”.
Ja
zijn verschijning was zo dat we sneller
ons
hoofd zouden omdraaien dan naar Hem
te kijken.
Lichaamelijk moet Hij een zwak persoon
geweest
zijn en toch schrijft Johannes ons
dat Hij
zijn heerlijkheid mocht aanschouwen.
Moeilijk
om te begrijpen? Neen, Jezus was zwak
naar
het vlees, maar de innerlijke vrede
die Jezus
met zich meedroeg gaf een uitstraling
waar
niets tegen op kan. Reinheid, zuiverheid,
waarheid, genade, alles in één persoon.
Wat is een mooi lichaam ons waard indien
het ziek is van de zonde. Juist daarom
is
de Here hier op aarde gekomen, om de
zonde
te veroordelen in het vlees. Paulus
schrijft
ons dat in de Romeinen brief (8:3)
“Want
wat de wet niet vermocht, omdat zij
zwak
was door het vlees; God heeft, door
zijn
eigen Zoon te zenden in een vlees,
aan dat
der zonde gelijk, en wel om de zonde,
de
zonde veroordeeld in het vlees”.
God is niet naar deze aarde gekomen
als supper
mens of als een grote keizer. Neen
Hij is
als een schaapje, zwak en teer naar
ons mensen
gekomen. Naar het vlees gezien was
Hij niet
sterker dan ons. In Filipenzen 2:7
staat
er ; “en de gestalte van een dienstknecht
heeft aangenomen, en aan de mensen
gelijk
geworden is ».
Onze God, die aard en hemel geschapen
heeft,
heeft ons zo lief dat Hij gelijk geworden
is aan de mensen, niet als koning maar
als
een dienstknecht.
Maagdelijke geboorte : Jozef niet de
vader
Daarom ook dat er een geboorte moest
plaats
hebben. Jesaja profeteerde reeds dat
een
jonkvrouw zou zwanger worden en een
zoon
baren. Duidelijk lezen wij hier en
ook nog
in andere bijbel gedeeltes over de
maagd
die het kind zou ontvangen.
We kunnen dus zeggen dat Christus naar
het
vlees geen vader heeft. Het gaat zelfs
zo
ver dat Jozef geen naam mocht geven
aan het
kind, wat toen wel de gewoonte was
in het
oude Israël, waar de vader het kind
een naam
gaf.
Immanuel is de naam die het kindje
krijgt,
wat betekent, God met ons. In deze
naam vinden
we het doel van deze wonderlijke geboorte,
de verzoening tussen de mensen en God.
God
met de mensen.
Arme Jozef, het was zelfs zo erg, dat
hij
in stilte Maria wou verlaten. Stel
je maar
voor, dat je verloofde met zo’n verhaal
naar
je toekomt. Zou je dan zelf niet twijfelen?
Maar de Here laat hem niet lang in
zijn onzekerheid
en stuurt een engel des Heren die duidelijk
maakt dat Maria zwanger is uit de Heilige
Geest.
Tegelijkertijd maakt de engel Jozef
duidelijk,
dat hij behoord bij de familie van
David
waaruit de Mesias zou komen. De engel
spreekt
Jozef aan in Matteüs 1:20 met “zoon
van David”.
Duidelijk zien wij hier dat Jozef niet
de
vader is van de Here Jezus Christus.
Wie
is het dan wel?
Maagdelijke geboorte : God is de vader
“Hoe kan ik nu in verwachting geraken
?”
zegt Maria, “wanneer ik geen kontakt
heb
met een man !”
“En de engel antwoordde en zeide tot
haar:
De Heilige Geest zal over u komen en
de kracht
des Allerhoogsten zal u overschaduwen;
daarom
zal ook het heilige, dat verwekt wordt,
Zoon
Gods genoemd worden.” (Lucas 1:35)
Het heeft
iets mysterisch, een kracht zal Maria
overschaduwen.
Dan denk ik aan de woorden in Psalm
139 ;
Hij heeft mij in de schoot van mijn
moeder
geweven! God zelf komt naar deze wereld
en
nesteld zich in de schoot van een jonge
vrouw
om gelijk te worden aan de mensen.
Hij heeft
Zich vernederd en is gehoorzaam geworden
tot de dood.
Kennen wij onze tekst nog : “Want alzo
lief
heeft God de wereld gehad, dat Hij
zijn eniggeboren
Zoon gegeven heeft, opdat een ieder,
die
in Hem gelooft, niet verloren ga, maar
eeuwig
leven hebbe.”
In het begin heb ik aangehaald, dat
God eigenlijk
net als met plasticine ons opnieuw
had kunnen
tesamen nemen om een nieuwe schepping
te
maken. Dat zijn woorden die hard en
ruw klinken.
Maar wanneer we dan de woorden uit
Johannes
3:16 proberen te begrijpen, wat zouden
wij
dan als mensen het meest logische vinden?
Onze God van Hemel en aarde heeft zo
een
liefde voor ons dat Hij zijn eniggeboren
Zoon gegeven heeft. Wanneer we binnen
enkele
weken kerstfeest vieren, zou ik jullie
willen
vragen, probeer toch eens aan deze
woorden
te denken, het is enkel uit die ongeloofelijke
liefde van God dat wij kerstfeest mogen
vieren.
Kerstfeest is een feest van genade.
Genade
die niemand verdiend, maar die God
geeft
uit zijn liefde.
De Here Jezus Christus was bereidt
om geboren
te worden, peuter te zijn, tiener te
zijn,
door zijn puberteit te gaan, om volwassen
te worden, om gelijk te zijn aan de
mensen.
Hij was bereidt om veracht en bespot
te worden.
Om honger te hebben en om moe te zijn.
Onze Here Jezus Christus was bereidt
om voor
mij en voor jou te sterven. Op deze
wijze
gaf Hij zijn naam betekenis en bracht
Hij
ons mensen opnieuw in kontakt met de
Vader.
Nog 15 dagen en dan is het kerstfeest.
Dan
horen wij opnieuw de verhalen van de
herders,
de drie wijzen, Jozef en Maria en het
kindje
Jezus. Misschien hebben we wel een
feestje
op kerstavond of kerstdag of misschien
wel
op allebei. En dan is het alweer voorbij
en tellen we af naar het nieuwjaar.
Misschien
vinden we dit zelfs een nog toffer
feest.
Maar vandaag zijn we tweede advent,
dwz.
Nog twee zondagen na deze. Het is een
tijd
van voorbereiding, van bezinning. Wij
moeten
weten dat de geboorte die wij gaan
vieren,
een geboorte betekent voor ons. Het
nieuwe
leven dat toen geboren werd is het
nieuwe
leven voor ons nu.
In deze tijd van voorbereiding, laat
ons
beseffen dat wat wij zullen vieren,
een daad
van liefde is die wij niet kunnen begrijpen,
maar die enkel en alleen genade is
van God
onze Vader.
Broeders en zusters, is het geen wonder,
dat de Here zelf naar deze aarde gekomen
is. Dat Hij Zijn troon heeft verlaten
om
mensen te redden. Dan zou je toch wel
verwachten
dat deze mensen éénparig Hem zouden
aanroepen
en aanbidden. Maar zoals we zelf ondervinden
dit is zeker niet het geval.
Eigenlijk begint het al direkt dat
er geen
plaats is voor Hem in de Herberg en
later
dat Herodes alle kleine kindjes laat
doden
om er maar zeker van te zijn dat Hij
er bij
zal zijn. En zo gaat het verder en
verder.
Maar dit breekt de liefde niet van
onze Heer.
Ik wil nog kort een verhaal aanhalen
uit
het Nieuwe Testament. Hoe Jezus het
verlangen
had om naar Zijn stad te gaan, naar
Jeruzalem.
(Lucas 19:28-44) Hoe Jezus op een veulen
zat, hoe de mensen hun klederen op
de weg
spreiden en zo de Olijfberg overgingen.
In
de verte ligt Jeruzalem.
Wanneer de Here Jezus dichterbij komt,
dan
weende Hij.
De grote gezant uit de Hemel doet hier
zijn
openbare intrede in Jeruzalem, niet
om geëerd,
maar om er verworpen te worden. Hij
wist
in welk een nest van adders Hij zich
ging
werpen en toch zie je hier Zijn liefde
voor
die plaats en de mensen. Jezus huilde
hier
niet bij het zien van Jeruzalem, omdat
Hij
wist dat Hij daar in die stad zou verraden,
gebonden, gegeseld, bespogen en gekruisigd
worden. Neen, het was opnieuw die bewogenheid
voor de mensen.
Dikwijls denk ik, dat God enkel om
de gelovige
geeft, maar dit is helemaal niet waar.
Hij
geeft om alle mensen. Zijn hart is
groot
genoeg, Zijn gevoelens gaan uit naar
iedere
man, vrouw en kind hier op aarde. Hij
wil
niet dat er enig mens verloren gaat.
Niemand
zal kunnen zeggen dat Christus niet
barmhartig
was en niet bereid om zonde te vergeven.
Wij weten heel weinig van het ware
Christendom
als wij geen diepe bezorgheid voelen
over
de zielen van onbekeerde mensen. Het
zou
natuurlijk veel gemakkelijker zijn
indien
wij daar niet op letten. Wanneer wij
het
ons niet aantrekken indien onze buren,
collegas,
vrienden, kenissen of gelijk wie dan
ook
naar de hel of naar de hemel gaan,
maar dan
hebben wij juist dezelfde houding als
de
wereld.
Zouden wij niet het zelfde gevoel moeten
hebben als onze Here Jezus Christus,
zouden
ook wij niet moeten wenen wanneer we
zien
dat de mensen rondom ons verloren gaan.
Ik
weet we leven in een heel moeilijke
tijd,
waar één van de kenmerken is, een ieder
voorzichzelf.
Maar als we zien welke liefde de Here
heeft
voor ons, kunnen wij dan deze voor
ons zelf
houden?
Ik moet terug aan de woorden van Stephan
denken, wanneer hij zei dat eigenlijk
achter
een keststal een kruis zou moeten staan
ipv
een kerstboom. Het was de liefde van
God
voor ons die Jezus op aarde bracht
in een
kribbe en het was die zelfde liefde
van God
die Jezus liet sterven aan een kruis.
De grote vraag is aanvaarden wij Jezus
in
ons hart, geloven wij dat Hij verlossing
voor ons heeft gebracht. Of zou het
zo zijn,
indien Jezus terug komt dat hij over
ons
zal wenen zoals Hij het deed over Jeruzalem.
Wanneer we op 25 December Kerstfeest
vieren,
weet dan dat Jezus uit de Hemel tot
ons is
gekomen, dat Hij de gedaante van een
mens
heeft aangenomen, geboren uit een maagd
en
dat zijn Vader God zelf is. Dat het
door
zijn liefde is dat wij mogen zeggen
; “God
met ons”.
Om te eindigen nog dit. Elk jaar opnieuw
worden wij er aan herinnerd dat Jezus
geboren
is. Men kan zeggen ; “Hij kwam tot
ons”.
Kunnen wij ook zeggen ; “Wij gaan tot
Hem”?
Amen. |