De brief van Paulus aan Filemon

Er wordt wel eens gezegd dat de brief aan Filemon geen brief is, maar een "briefkaartje". Het gaat hier inderdaad om een heel kort en een heel persoonlijk schrijven van de apostel Paulus aan een zekere Filemon.

Ook deze brief werd door Paulus geschreven vanuit zijn gevangenschap in Rome, waarschijnlijk in 60 of 61 n.C. De aanleiding voor dit schrijven was een weggelopen slaaf, Onésimus, die het bezit was van Filemon, een christen uit Colosse.

Deze Onésimus was naar Rome gevlucht en was daar door de evangelie-prediking van Paulus tot geloof gekomen. Paulus had hem blijkbaar ook duidelijk gemaakt dat hij nu terug moest gaan naar zijn meester en hij geeft hem deze aanbevelingsbrief mee waarin hij Filemon vraagt om Onésimus terug in zijn huis op te nemen, maar nu niet enkel als slaaf, maar ook als broeder in de Here.

Vers 11 bevat een woordspeling. Onésimus betekent namelijk "nuttig"; de weggeslopen slaaf zal voortaan niet meer alleen nuttig zijn voor Filemon, maar ook voor de dienst van het Evangelie.


Want ik heb veel vreugde en troost genoten in uw liefde,
omdat het hart der heiligen door u verkwikt is, broeder.

(Filemon 7)


Indeling

    1. Groeten en terugblik op de vroegere ontmoeting met Filemon (vs. 1-7)
    2. Getuigenis over de bekering van Onésimus (vs. 10-11)
    3. Bede om Onésimus te vergeven en in liefde terug op te nemen (vs. 12-19)
    4. Groet en zegebede (vs. 20-25)
 Terug naar INLEIDING OP DE BIJBELBOEKEN

 Terug naar ONTMOETING inhoud

10/1999