![]() |
De Bergrede |
En Hij opende zijn mond en leerde hen, zeggende: Zalig de armen van geest, want hunner is het Koninkrijk der hemelen. Zalig die treuren, want zij zullen vertroost worden. Zalig de zachtmoedigen, want zij zullen de aarde beerven. Zalig die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid, Zalig de barmhartigen, want hun zal barmhartigheid geschieden. Zalig de reinen van hart, want zij zullen God zien. Zalig de vredestichters, Zalig de vervolgden om der gerechtigheid wil, Zalig zijt gij, wanneer men u smaadt en vervolgt Verblijdt u en verheugt u, want uw loon is groot in de hemelen; Matteüs 5:1-12 |
12/1997 |